“Samenwerking moet voordelig zijn”

Wim Poll had zijn sporen al verdiend toen hij rond 1993 gevraagd werd om plaats te nemen in het bestuur van de Stichting Sporttechnisch Kader Drenthe (STK), een ‘kindje’ van de sportraad. De stichting had niet de meest florissante periode achter de rug en na het opstappen van enkele bestuursleden was nieuw bloed welkom.

En dan het liefst bloed dat door de aderen van een doorgewinterde sportbestuurder stroomt.

Bij Wim Poll was dat het geval. Van 1972 tot 1982 zat hij als secretaris van het gewest Drenthe van de KNVB in het bestuur van de Kunstijsbaan Drenthe. Op die manier leerde hij ook de Sportraad Drenthe kennen en uit die periode herinnert hij zich “de stimulerende werking op het gebied van de breedtesport die er van de sportraad uitging”. Toen hij werd gevraagd om zitting te nemen in het bestuur van het Huis van de Sport, dat ook in het leven werd geroepen door de Sportraad Drenthe, behoefde hij dan ook niet lang na te denken. Nadat het Huis van de Sport als zelfstandige eenheid na enige jaren weer werd opgeheven en ook de toenmalige Stichting STK verder ging onder de vleugels van de gereorganiseerde Sportraad Drenthe (tot DSF) kwam Poll terug in een andere bestuurlijke functie. Bij de Stichting STK deed hij zijn intrede, eerst als gewoon bestuurslid, later als voorzitter.

Sporttechnika

Voor het zover was, was er al het een en ander gebeurd op bestuurlijk gebied binnen de DSF. Immers, in 1989 wilde de Stichting STK zich losmaken van de DSF en dat gebeurde enkele jaren later dan ook. Wim Poll heeft de problemen die er toen speelden niet aan den lijve ondervonden, maar hij werd natuurlijk wel ‘bijgepraat’. Hij wil het over die tijd liever niet meer hebben, maar feit is wel dat de DSF, door het vertrek van een van de belangrijkste stichtingen binnen haar organisatie, enigszins het cement in de sportsamenleving vaarwel zei. De Stichting STK had immers veel direct contact met de verenigingen voor wie de salarisadministratie werd gedaan. Zo’n 200 verenigingen en evenveel sportleiders in Drenthe maakten gebruik van de diensten van de Stichting STK. De DSF probeerde de schade enigszins te beperken door de Stichting Sporttechnika op te richten (in 1992), die dezelfde doelstellingen nastreefde. Gelukkig voor de sport in Drenthe was die splitsing geen lang leven beschoren. Al een jaar na de oprichting was Sporttechnika weer ter ziele.

Onzeker

De Stichting STK Drenthe heeft vanaf dat tijdstip een vaste plaats veroverd tussen de Drentse sportverenigingen, ook al vindt Wim Poll dat het “enige moeite kost om bij de verenigingen een cultuuromslag te bewerkstelligen”. Vervelende bijkomstigheid was (en is) misschien ook dat de stichting nog altijd in het onzekere verkeert over een eventuele BTW-plicht voor de verrichte dienstverlening. Dit probleem speelt in feite al sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw en er is nog steeds geen definitieve oplossing voor. Wel is er sprake van een gedoogsituatie. Ondanks deze situatie staat de stichting er goed voor. Wim Poll: “Bij ons staan momenteel 400 sportleiders op de loonlijst, afkomstig van 250 organisaties. Gymnastiek is nog steeds het sterkst vertegenwoordigd.”

Aan arbeidsbemiddeling doet de stichting niet, hoewel die taak er vroeger wel bij hoorde. Er is in de sport nog altijd veel behoefte aan bemiddeling, maar een structurele voorziening op dat gebied is niet (meer) voorhanden. En dat is jammer, vindt ook Wim Poll. “Wel is er nog steeds een vacaturebank op internet (www.sportvacnoord.nl), maar dat is naar mijn idee niet meer dan een druppel op een gloeiende plaat. Wij hebben geen ruimte om de bemiddeling er bij te doen.”

Geen veranderingsbehoefte

De Stichting STK had tot het vorige jaar via het ‘Netwerk in de Sport’, een samenwerkingsverband van de provinciale sportraden, nog contacten met SportDrenthe. Maar sinds het netwerk is opgeheven, is die binding er ook niet meer.

Hoewel de Stichting STK met drie parttime arbeidskrachten prima functioneert, de stichting financieel gezond is en er momenteel geen behoefte is te veranderen, gaat Wim Poll een nieuwe relatie met SportDrenthe niet op voorhand uit de weg. Hij beseft dat zowel zijn stichting als SportDrenthe best voordelen zou kunnen halen uit een samenwerking. Dat een coproductie ook zou kunnen leiden tot, wat Dineke van As-Kleijwegt als Drents sportgedeputeerde destijds bij de opening van het Sport Service Centrum in Beilen als ideaal voor ogen had, professionelere ondersteuning van de sport(vereniging), ontkent Wim Poll niet. “Maar gelet op de ervaring die wij met SportDrenthe hebben (gehad), moet er toch echt sprake zijn van een win-win situatie, voor beide partijen. Op die basis is in de toekomst misschien ooit nog iets mogelijk. Want goed beschouwd missen we beiden misschien wel iets als je er van uit gaat dat onze doelgroepen dezelfde zijn.”